Ook in Friederichstadt ligt de markt aan deze middenstrook, maar nu aan de zuidzijde. Het zuidelijk deel van de stad is het oudste en dichtbebouwde deel van de stad. De markt is opgesplitst in twee delen, een groen deel - park - en een steenachtig deel. Op het laatste werd vroeger de paardenmarkt gehouden en dat is nog altijd te zien aan de hekwerken met ijzeren stangen die er nog staan, bedoeld om de paarden aan vast te binden. Het meest opvallend aan de markt is de gevel aan de westzijde. Je waant je bijna in Nederland met de trapgevels, soms vijf tot zes verdiepingen hoog. Wat helemaal niet Nederlands is, is dat de gevels wit, zachtgeel en blauw zijn geschilderd. De schijn bedriegt nog iets meer dan je denkt. Alleen de onderste verdiepingen zijn uit de stichtingsperiode, de trapgevels zijn voor een deel pas in de 20e eeuw toegevoegd. Het raadhuis aan de zuidzijde van de markt is nooit als zodanig gebouwd. Nadat gebouwen uit eind 17e eeuw waren ingestort na de vijfdaagse oorlog in 1850 liet de heer Windahl een tweelaagse hotel bouwen, dat in 1877 naar achteren werd uitgebouwd. In 1910 kocht de stad de panden aan om daar het raadhuis in onder te brengen. Daarvoor werd aan bouwmeester August Eggers gevraagd om een gevel in nieuw representatieve stijl te maken, daarmee werd toen bedoeld: de Hollandse renaissancestijl. In 1985 werd het gebouw uitgebreid en gemoderniseerd. Daarnaast staat het ‘Altes Amtsgericht’ dat eerst als raadhuis functioneerde tot het in 1910 gerechtsgebouw werd. Die functie verloor het begin jaren ’70 en sinds 1978 is er een restaurant in het pand gevestigd.